Een protocol is een gestandaardiseerde telmethode. Dat houdt in dat waarnemingen op dezelfde manier en op hetzelfde moment verzameld worden. Gestandaardiseerd tellen heeft als groot voordeel dat deze gegevens met elkaar vergeleken kunnen worden, zowel onderling als van jaar tot jaar. Een voorbeeld: alle deelnemers aan het stadsvogelmeetnet MUS tellen in het voorjaar driemaal het aantal vogels dat men hoort en ziet. Dit gebeurt op tien vaste plekken in een postcodegebied. Op iedere plek wordt precies vijf minuten geteld. Op die manier kunnen postcodegebieden onderling vergeleken worden en kan de ontwikkeling in de vogelstand van jaar tot jaar gevolgd worden.